
Deze poëtische titel schoot me van de week te binnen. Ik vind het zelf eigenlijk de titel van een boek. Mijn boek, misschien.
Je, lees: ik.
Het kwam doordat ik aan het bloggen was en mezelf erop betrapte dat ik overal zei ‘je’ terwijl ik overduidelijk bedoelde ‘ik’. Zo lazen jullie het ook, zag ik aan jullie reacties.
Het is kwetsbaarder om ik te zeggen dan je.
‘Je’ is (bij mij) ook een poging om het verhaal en de ervaringen breder te trekken dan mezelf en meer toegankelijk te maken voor jou als lezer. Als open armen; als een uitnodiging om het ook op jezelf te betrekken; als een uitnodiging om het verhaal breder te maken dan mijzelf.
Misschien is het ook een manier om me/je niet bloot te geven.
Interessant he? De persoonsvorm zegt meer dan je zou denken.
Stof tot nadenken.
150/1000
Tijdens de schrijfweek vorig jaar kregen we ook de opdracht om hetzelfde verhaal zowel in ik- als jij-vorm te schrijven. Zet je aan het denken!
Interessant!! Eens kijken of ik dat ook kan proberen ergens op dit blog.
Benieuwd! Het is echt een leuke oefening.
Nou ja, wat toevallig! As we speak lees ik over vertelperspectieven, in het nieuwe boek van Annet Huizinga ‘Twee pistooltjes & een dakmus’ (aanrader!). De jij-vorm als een ik-verteller. Philip Huff gebruikt die bijvoorbeeld in zijn boek ‘Wat je van bloed weet’. Hij zegt daarover: “De jij-vorm werkte bevrijdend tijdens het schrijven want dan hoefde ik niet alles te herbeleven, wat in de ik-vorm wel zo zou zijn. Door de tweede persoon te gebruiken, kon ik compassie en empathie in het verhaal stoppen, terwijl ik tegelijkertijd veel meer durfde te zeggen.”
Nou wat ongelofelijk toevallig! En wat mooi uitgelegd (nu weet ik althans waarom ik het altijd over/tegen je heb, ha!). Het is denk ik waar: ik is confronterender en heftiger. Jij/je geeft wat meer afstand en maakt het makkelijker om los te komen van je eigen emoties. Alleen dat element van de ander zie ik niet terug in zijn omschrijving – is er een vorm die je lezer meer aanspreekt?
Ik heb dat bij mijn favoriete (fantasy) boeken trouwens ook altijd: als het de ik-vorm heeft, vind ik het vaak minder prettig lezen. De ‘alwetende’ stem die spreekt vanuit die persoon en weet wat de hoofdpersonen denken, vind ik fijner.
Nee, dat benoemt hij niet. Annet noemt wel een andere schrijver – Caleb Azumah – die de jij-vorm om een andere reden gebruikt. “Schrijven in de tweede persoon creeërt een soort intimiteit waarbij de lezer zowel publiek als hoofdrolspeler is.” Juist geen afstand dus.
Ik heb zelf trouwens geen favoriet, het wisselt per verhaal.
Interessant onderwerp is het!
Persoonsvorm doet zo enorm veel. Maar ook tegenwoordige of verleden tijd. Wist je dat bijna iedereen wel een favoriete persoonsvorm heeft? De afstandelijke hij/zij, de eigen ik of degene tegen wie je vertelt: je/jij. Deze laatste is trouwens wel één van de moeilijkste. Ik schrijf zelf veelal in de ik-vorm. Zelfs als iemand anders het woord voert, dan verplaats ik me dus in die ander, alsof ik haar/hem ben.
Grappig, nooit over nagedacht dat het zo veel zegt en dat mensen een favoriet hebben als ze schrijven (of denken?).