
Vandaag was ik naar Foam voor de tentoonstelling van fotograaf Martin Parr. Het was niet wat ik had verwacht, maar het was wel heel mooi. Hoe dol ik ook ben op schilderijen, fotografie blijft toch wel een van mijn favoriete kunstvormen.
Ik wil al jaren naar een tentoonstelling van Parr. Toen ik in Parijs was laatst, waren er geen tickets meer voor zijn tentoonstelling die daar te zien was. Ik zag later in een van de metrostations levensgrote affiches met zijn foto’s. Het was een beetje lastig om ze goed te zien, want het perron was druk en al die parijzenaren begrepen niet waarom ik het hele perron afliep en over hun schouders keek. Haha!
Ik was dus extra blij dat Parr in Foam te zien was.
Tegelijkertijd was ik een beetje verbaasd dat het om zo’n kleine tentoonstelling ging. Ik herinner me van de tentoonstelling over Guler dat er heel veel te zien was, verdeeld over meerdere ruimtes.
Aan de andere kant was het leuk om werk uit een aantal verschillende collecties te zien. Met als toevoeging een hele leuke collectie van studioportretten waarop Parr zelf te zien is, genoemen over de hele wereld gedurende 40 jaar. Inclusief toeristische kiekjes met toeristische attributen.
Hoe meer je je in (documetaire) fotografie verdiept, hoe meer je herkent in het werk van beroemde fotografen als Parr. En hoe meer je kunt duiden wat je aanspreekt.
Ik vond altijd dat je niets hoefde te weten van kunst om er van te genieten. Dat kunst voor zichzelf moet spreken. En misschien is dat soms ook zo. Maar inmiddels vind ik dat kunst veel leuker wordt als je er meer van weet. En hoewel fotografie per definitie voor zichzelf lijkt te spreken, vooral documentairefotografie, is het toch vaak complexer dan je denkt.
Bij Parr zie je dat zo duidelijk. De vlakverdeling, de lijnen, het spelen met de horizon, het toepassen van de ‘rule of thirds’ (of juist niet), het kaderen van het shot totdat de mensen perfect in positie zijn ten opzichte van elkaar. Het oog voor absurditeit.
Je hoeft er geen verstand van te hebben om er van te kunnen genieten. Maar het is leuk om net iets langer te kijken. Om je af te vragen wat je nu ziet en wat de foto zo bijzonder maakt. Dan ga je het vanzelf zien.
En extra tip: de video met interviews met Parr is heel leuk. Vooral als je die eerst bekijkt en dan pas de tentoonstelling geeft het een andere blik.
Ik zou gewoon maar langs Foam gaan!
De tentoonstelling is de komende tijd nog te zien, maar Foam wordt verbouwd, dus de rest is geloof ik niet bereikbaar. Goed om de site even te checken. Je krijgt wel korting, zag ik.
Er zijn nog drie andere tentoonstellingen, waarvan ik vooral die van de Oekraïense fotografe Julia Kochetova over de oorlog indrukwekkend vond. Zo indrukwekkend dat ik na een paar foto’s naar buiten ben gelopen. Ik kon het niet zo goed aan. Ik had het bordje even gemist:

Metgezellen V & E vonden ook dat een prachtige, indrukwekkende tentoonstelling. Hij is er tot 25 mei dus je kunt nog gaan kijken.
En voor wie zich geinspireerd voelt: iedere zondag tot en met begin augustus is er een workshop waarin je net als Parr een soort autobiografisch portret kunt maken.
De moeite waard!
Fotografie als kunst. Ik ben het helemaal met je eens. Maar dan bedoel ik wel de echte fotografie en niet de opgepoetste plaatjes om het beeld bijvoorbeeld in een ander tijdspad te plaatsen (ik houd niet zo van filters). En hoewel ik vroeger (in de tijd van de analoge fotografie) ook echt wel trucjes leerde om het beeld te versterken, was het belangrijkste toch nog steeds ‘de juiste blik’. Parr’s werk getuigt precies van die blik.
Nou stond FOAM niet op mijn lijstje, maar nu toch maar wel. )Ik bedoel dus: dank je wel voor de tip). Eerst morgen nog even naar Toorop in Singer Laren.
O leuk, ga je naar Toorop? Ik heb hem overgeslagen omdat ik niet zo veel heb met zijn werk. Maar misschien moet ik het gewoon eens proberen??