
Zo langzamerhand heb ik mijn lijstje af, met dingen om te doen. Ik kom langzaam uit een winterslaap, lijkt het. Het is de hoogste tijd om weer aan de (betaalde) slag te gaan. En er is een simpele reden dat ik nog geen actie heb genomen. Ik moest het alleen even toegeven. Bij deze.
Zo maar een tijdje niets doen, in het midden van je leven, zonder financiële zorgen en zonder noodzaak: het is een luxe. Kon ieder van ons zich maar zo’n gat in de CV veroorloven! We zouden er allemaal uitgeruster, blijer, geïnspireerder en beter van worden. Ik geniet er enorm van.
Alleen al de afgelopen twee weken ging ik een nacht met F. mee naar Dusseldorf, een week met V. mee naar Frankrijk, een paar dagen met het hele gezin naar Engeland en gisteren zo maar spontaan mee met F. naar Brussel. Het kan allemaal. Ik heb de tijd. Alle tijd, zelfs.
Zo langzamerhand heb ik alles gedaan dat ik me had voorgenomen. Cursus, website, vrijwilligerswerk, schrijven, musea, reisjes, familie, boeken. Het is] tijd voor een nieuwe baan.
Daarom maakt ik vandaag een nieuw lijstje. Met daarop:
- Wat me drijft
- Wat ik belangrijk vind in mijn werk
- Wat ik goed kan
- Wat ik heb geleerd in mijn vorige baan
- Wat ik daarvoor al had geleerd
- Welke karaktereigenschappen ik heb die me goed, anders en nuttig maken
- Wat mijn opties zijn
Lekker, lijstjes. Bullets. Duidelijkheid. Iets dat je terug kunt lezen en waar je nog een beetje aan kunt schaven.
Er staat niets op dat lijstje dat ik 6 maanden geleden nog niet wist. Ik kan het alleen wat helderder formuleren. En ik kan het wat meer van een afstandje bekijken. En daar gaat het ook om, zo’n tussentijd. Nadenken, opladen, inspiratie opdoen, projecten oppakken. En hop weer door.
Maar waar heen?
De vraag wat ik ga doen wordt me iedere week – soms iedere dag – gesteld. Wat nu? Waar ben ik mee bezig? Wat ga ik doen? Wat heb ik lopen? Wanneer ga ik verder?
Hele goede vragen. Maar ik weet het antwoord niet.
Bewegen is beter dan stil staan, zei A, en dat is ook zo. Je kunt beter iets doen dat niet leuk blijkt dan niets doen. Ik ben het er totaal mee eens. Het zou mijn carrièremotto kunnen zijn: gewoon gaan doen wat je leuk lijkt, dan kom je altijd uit waar je moet zijn.
Ik weet heel goed wat ik wil. Welke impact ik wil hebben; waar aan ik wil werken; en hoeveel ik daar kan toevoegen. Maar wat ik niet weet is waar ik die plek met die taken kan vinden.
Normaal gesproken zou ik het dan ook omdraaien: eerst eens kijken waar de impact wordt gemaakt die ik ambieer, om vervolgens het lijntje terug te volgen naar de plekken waar de mensen zitten die voor die impact zorgen. En dan gewoon gaan praten. Verkennen. Netwerken.
En toch doe ik het niet. En dat heeft – realiseer ik me – een simpele reden. Angst. Mijn vorige ervaring heeft me een beetje … argwanend gemaakt.
Mijn vorige ervaring heeft behoorlijk wat littekens achtergelaten. Zo simpel is het. Het vertrouwen dat ik mensen gaf, is zwaar beschaamd en dat is pijnlijk.
Het is makkelijk om er om- en overheen te praten. Vrolijk door te bloggen. Wijze lessen uit te trekken. Er om te lachen. Het te negeren, ook. Het te vermijden.
Maar dat maakt het niet minder waar.
Hoe leuk ik het ook vond, hoe hard ik ook gewerkt heb, hoeveel ik ook bereikt heb, hoe veel concrete prestaties ik ook op mijn naam kan schrijven en hoe veel ik ook geleerd heb: ik ben uiteindelijk ook enorm teleurgesteld en gekwetst.
En dat maakt een volgende stap lastig.
Ik kende ooit iemand die een boek schreef voor ondernemende moeders met als subtitel ‘surviving and thriving’. Daar moest ik aan denken. Niet zozeer het surviving. Maar wel het thriving.
Want het is niet heel moeilijk om te bedenken waar de plekken zijn waar ik iets kan toevoegen.
Het is veel moeilijker om het vertrouwen te hebben dat ik een omgeving kan vinden waarin ik niet alleen kan presteren, maar ook floreren.
Ik had dat eigenlijk nog niet zo begrepen, dat jij ook die twijfel meedraagt. Bij mij heeft dat de weg naar nieuw werk zo lang geblokkeerd, dat ik er zolangzamerhand in begin te berusten dat ik geen betaald werk meer zal krijgen. Maar jij bent wat jonger en hebt een groot netwerk en hebt naar mijn indruk zo veel te brengen, dat ik vermoed dat het vinden van het juiste plekje wel gaat komen…
Nee? Is wel zo. Het heeft me veel te lang geblokkeerd. Ik moest het kennelijk eerst toegeven aan mezelf.
Als het bij mij op moet kunnen houden, dan moet dat bij jou ook! We voelen ons allebei gekwetst. En we laten die teleurstellende ervaring model staan voor de rest van de wereld of wat we denken dat die wereld is. <3
Mooie blog. Heel begrijpelijk dat vertrouwen niet ineens terug is. Misschien is dat niet de goede manier om erover na te denken. Al kun je niet zonder een beetje blind vertrouwen een sprong wagen en ben je natuurlijk nooit helemaal blind geweest, een beetje voorzichtigheid kan ook een goed gereedschap zijn. Zo kun je daarmee een grotere kans hebben om niet alleen op een nuttige maar ook een fijne plek terecht te komen.
(ik weet dat dit gemakkelijker is gezegd dan gedaan)
Je hebt helemaal gelijk. Het past alleen niet zo goed bij me.
Bestaan er nog echte headhunters? Hoe noemen ze die lui hier in Nederland? Geen idee eigenlijk. Maar ze kijken verder en hebben connecties waar je jaloers op zou kunnen worden (zou kunnen hè?, niet doen, hoeft niet).
Ik gun je het mooiste aanbod op een unieke werkplek met fantastische collega’s.
Dankjewel! Headhunters bestaan zeker nog. Maar hun belang is altijd de betalende opdrachtgever en nooit de kandidaat. Dus wat dat betreft niet altijd de meest kansrijke optie.
Komt goed!
💙