
Ik was gisteren in een museum waarvan ik niets begreep. Maar waarvan ik vind dat we er allemaal heen moeten: het HART museum in Amsterdam. Ook als je geen zin hebt in kunst, is het een prachtige plek voor een warme zomermiddag.
Ik had in het HART museum afgesproken met vriendin J, omdat ik had gezien dat er een Amerikaanse tentoonstelling is en zij Amerikaans is. Ik was er nog nooit geweest en wist niet eens zeker waar het was. Maar toen ik binnenkwam lopen, de binnenplaats op, vanaf de grachtkant, wist ik niet wat ik zag.
Leeg maar indrukwekkend
Een enorme tuin, met prachtige grote bomen, heerlijk koel, en overal luie stoelen om onder de bomen te zitten. En groot! En midden in Amsterdam (vlakbij het Waterlooplein). Maar het was er verrassend leeg, om 11 uur ‘sochtends op een snikhete dag.
Je zou toch denken dat alle toeristen en Amsterdammers daar zouden zijn, dacht ik. Als ik in Amsterdam woonde zou ik deze plek omarmen. Prachtige open ruimte met lekkere koele bomen en gras en ook nog eens zo mooi gerenoveerd. Huh?
Ook van binnen was het prachtig. Alles was luxe en mooi. Maar er waren nauwelijks bezoekers, anders dan een groep congresmensen. Je verwacht het niet, in juni in Amsterdam, waar je overal over de toeristen struikelt.
Na wat navraag kwamen we er achter dat het HART museum de oude locatie is van de Hermitage Amsterdam. Na de inval van Rusland in Oekraine, werden de banden met Rusland verbroken (en de collectie teruggegeven, neem ik aan). Maar als museum moest het hernoemde H’ART museum natuurlijk een nieuw doel vinden en zich een plek veroveren in de internationale museum scene.
Ik hoop dat dat ze lukt, want het gebouw is van wereldklasse. Ik moest enorm denken aan de tentoonstelling van Centre Pompidou die ik zag in Parijs laatst. Prachtige grote zalen, heel mooi licht, echt een geweldige zaal voor een grote expositie. Maar gelukkig komt er in oktober ook een grote Pompidou-tentoonstelling die me geweldig lijkt over Matisse. Ik kan me zo voorstellen dat dat een razend succes wordt.

Voor de tentoonstelling van fotograaf David Leventhal had het museum dan ook een ongelofelijk mooie opzet gemaakt. Als je goed ging staan, kon je precies de Amerikaanse vlag zien:


En als je net iets bewoog, zag je alleen de verschillende vlakken. Heel gaaf. Sowieso prachtig kleurgebruik in de ruimtes, waardoor de foto’s nog beter uitkwamen.
Ook boven, bij de tentoonstelling over Mexiaans-Amerikaanse protestkunst, was de ruimte ongelofelijk mooi vormgegeven (weet net of je het goed kunt zien op de foto, maar de drie felle kleuren kwamen telkens terug):

Alleen die ruimtes zijn al een reden om een kijkje te nemen.
Foto’s van poppetjes?!
Er waren twee exposities onder 1 noemer, ‘American Identities’. De ene van fotograaf David Levithal, de andere rondom zogenaamde ‘Chicano prints’: posters en kunst door mexicaans-amerikaanse kunstenaars en verzetsgroepen die de positie van de mexiaanse Amerikanen proberen te verbeteren. Althans, zo vertaal ik het nu even.
Ik vond de expositie van David Leventhal een beetje vervreemdend. Hij maakt foto’s waarbij hij poppetjes (figurines) van heel dichtbij fotografeert met doorgaans een vervaagde achtergrond. Zo lijken het documentaire-achtige beelden van echte personen, tot je dichterbij komt en goed kijkt. Denk maar aan van die grote tafels met nagebouwde veldslagen, die je vaak ziet in Amerikaanse TV-series als een gebruikelijke hobby (voor mannen …).
De tentoonstelling bevat meerdere series: een serie waarin beroemde momenten uit de Amerikaanse geschiedenis worden weergegeven die in Amerika mythische proporties hebben aangenomen, ook al klopt die mythe vaak niet of geeft het de positie van bijvoorbeeld de inheemse bevolking niet goed weer. Maar er waren ook series rondom beroemde baseballspelers (ook weer tot mythes verworden). En een beetje afwijkende serie rondom hele dure verzamelaarsbarbies, waar Leventhal om onduidelijke redenen zijn beroemde vervaagde achtergrond had losgelaten.
Ik was in de eerste ruimtes onder de indruk was van de beelden omdat de gewaarwording dat het geen echte mensen zijn maar kleine plastic poppetjes zo grappig is en het kleurgebruik van de vervaagde achtergronden prachtig. Maar naarmate we door de tentoonstelling liepen, vond ik het een beetje ongemakkelijk. De pogingen om aan de hand van feiten (groot op de muur) context te geven, maakten het gevoel dat het helemaal niet om kritiek maar juist om adoratie ging steeds groter.
Steeds meer vroeg ik me af of ik niet gewoon keek naar een man die dolgraag met speelgoed speelt en dol is op de Amerikaanse mythes. Hoewel het geframed werd als ‘kritiek’, kwam het niet zo op me over. Neemt niet weg dat er prachtig beeld bij zat. En de laatste foto’s waren van de enorme verzameling poppetjes zelf. Als dat niet duidt op liefhebberij?

Kortom, een bijzondere tentoonstelling waarbij je van alles voelt en je van alles afvraagt. Dat is altijd een goed teken. Zelfs als het gevoel uit verwarring bestaat!
Protestkunst
Veel aangrijpender was de andere tentoonstelling: Chicano Prints from the Smithsonian American Art Museum. Het duurde alleen even voordat we er een beetje inkwamen. De plastic-fantastic vibe van beneden was zodanig groot, dat de overgang naar deze veel serieuzere en impactvollere tentoonstelling even duurde bij mij.
We hadden niet zo veel tijd voor deze tentoonstelling, dus eigenlijk moet ik terug om alles nog een keer te bekijken.
De uitleg van de term ‘Chicano’ is dit:
‘Chicanx’ of ‘Chicano’ is de genderneutrale term voor personen van Mexicaanse afkomst die in de Verenigde Staten wonen. In deze tentoonstelling zie je hoe Chicano-kunstenaars op een creatieve manier reageren op hoe de Verenigde Staten hun geschiedenis vertellen. Ze laten zien dat er niet één waarheid is, maar juist veel verschillende verhalen. Met hun werk stellen ze vragen over thema’s als witheid, grenzen en traditionele rolpatronen. Zo helpen ze ons beter te begrijpen hoe een jonge, diverse samenleving als die van Amerika zichzelf probeert te begrijpen en wat dat ook voor ons kan betekenen. Bron
Er waren veel posters die opriepen tot verzet en staking, maar ook prachtige moderne kunstwerken en nieuwe posters en uitingen van moderne kunstenaars. Soms heftige dingen, soms mooi en folkloristisch. Van alles. De moeite waard.
Allemaal naar het H’ART museum
Beide tentoonstellingen zijn tot 6 september te zien, dus grijp je kans deze zomer, zou ik zeggen.
Maar ook als je geen zin hebt in tentoonstellingen, kun je als je in Amsterdam bent gewoon de binnenplaats oplopen en in een stoel gaan hangen met een boek. Er is ook een koffiebar, dus eventueel met drankje of koffietje erbij. Je kunt er zo te zien ook prachtige events en congressen houden. Of, ik noem maar wat, als je er het geld voor hebt, een zomerse cocktailparty ….?
Dat museum verdient meer bezoekers. En zet die Matisse tentoonstelling in je agenda (3 oktober – 14 februari) … dat doe ik ook! Wel een toeslag van 7 euro bovenop je museumkaart, maar ik vermoed dat het het geld meer dan waard zal zijn.
En het Hermitage kwam weer daar waar vroeger het verpleeghuis AmstelHof was.
Mijn moeder was daar in de jaren 50 leerling verpleegster of verzorgende. Een toneelvereniging van het personeel heette De Amstelhoveniers. Mijn moeder genoot in die tijd erg van die prachtige binnentuin. Op zondag moest ze patiënten naar het kerkzaaltje op de bovenste verdieping brengen. Nu kom ik er wel eens, voor het museum, en ook in de zomer voor concerten in de binnentuin.
Wat leuk! Ik had geen idee. Ze zou het niet herkennen denk ik!
Mooie tip!
En over Matisse gesproken… ken je ‘zijn’ museum in zijn geboorteplaats Le Cateau-Cambrésis? Het heet simpelweg Musée Matisse. Zeer indrukwekkend, ik reed er een stukje voor om en genoot.
Ga het meteen opzoeken