Vechten voor je business

Ik vind het altijd een beetje gemeen van mezelf, als ik ontevreden ben over een kleine onderneming. Want ik weet hoe moeilijk het is als zelfstandige. En dan heb ik nog niets eens een bedrijfspand. En personeel in dienst.

Maar toch. Juist als kleine ondernemer moet je blijven vechten voor je business, wil je de grote jongens de baas blijven. En juist als kleine ondernemer heb je wat dat betreft de kans om het veel beter te doen dan de grote jongens. Of de grote meisjes, natuurlijk.

Zo heb je in het dorp waar ik woon meerdere stomerijen.

Meestal gaan we naar de stomerij in de lokale winkelstraat. Die is van een vader en twee zonen. Ze zijn van Turkse afkomst dus we voelen ons er altijd op ons gemak (er hangen Turkse ogen en kalenders en zo) (voor de nieuwe lezers: ik heb twee jaar met veel plezier in Turkije gewoond en we vinden het daarom extra leuk. Kunnen we tenminste nog eens onze 3 woorden Turks oefenen).

Maar het belangrijkste is uiteraard niet hun afkomst. Het belangrijkste is dat ze goed werk leveren en vriendelijke service bieden.

Het is er een beetje rommelig, maar schoon. Ze verkopen nog andere handige dingen, zoals fournituren. En het is altijd klaar als ze zeggen dat het klaar zal zijn.

Er is ook nog een andere stomerij in het dorp. Daar kom ik ook wel eens. Ik weet niet waarom. Een beetje uit gewoonte, omdat ik daar als eerste kwam, voordat we die andere stomerij ontdekten. En omdat het dichter bij ons huis is.

Het is een echte ouderwetse stomerij. Zo uit de jaren 70 weggelopen.

Het is er een beetje stomerij-muffig. En stoffig. En er staan van die verschoten kartonnen reclameborden in de etalage.

Het ziet er eigenlijk precies zo uit als een zaak die in de jaren 70 is gestart en op de een of andere manier is blijven bestaan. Er hangen altijd heel veel rekken met spullen en er liggen vele dekbedden en kleden op de grond onder de rekken te wachten op hun eigenaar. Dus business genoeg, lijkt het. Ondanks het oubollige sfeertje.

Wel staat de kassa staat altijd op ‘error’.

Maar ach. Misschien gebruiken ze die helemaal niet. (De toonbank staat zo vol met gekke apparaten dat ik me altijd afvraag welke daarvan nu eigenlijk als kassa functioneert.)

Een tijdje geleden had ik er een dekbed gebracht om te stomen.

In dit huis vinden nogal eens ongelukjes plaats met kinderen en katten in relatie tot dekbedden. Helaas, want het is niet alleen duur. Het is ook nog altijd een heel gedoe: aan denken, brengen, ophalen. Weer een heleboel actiepunten op de actiepuntenlijst. Dus ik ben altijd blij als ik er weer aan heb gedacht.

Het inleveren duurde lang. Er was 1 klant voor me en ze werken er niet zo snel. Maar goed. Kan ik weer naar de toonbank staren en me afvragen waar al die apparaten nou toch voor zijn. En donderdag zou het klaar zijn. Ook weer gedaan.

Donderdag brak aan en ik dacht, hop! Dat ga ik even afhandelen. Ik stond al vroeg die ochtend op de stoep, nadat ik in de winkel ertegenover boodschappen had gedaan. Twee vliegen in 1 klap.

Maar het dekbed was nog niet klaar. Vanmiddag, dan zou het klaar zijn.

Gelukkig dacht ik er aan, die middag. En ging ik weer langs. Eerst weer even wachten op de klant voor me. En toen bleek dat ik voor niets had staan wachten. Helaas. Er was misschien iets verkeerd gegaan. Morgen zou het er zeker zijn.

Het stomste van alles vond ik eigenlijk dat ze het helemaal niet erg vonden. Dat ze zo vrolijk deden. Dat ze het zelf totaal niet als probleem zagen. Dat ze er van uit gingen dat het geen probleem zou zijn om het morgen dan maar op te halen.

Alsof mijn tijd niets kost.

Maar tijd is het kostbaarste bezig dat mensen hebben. We leven in the attention economy. Aandacht is het schaarste goed aan het worden. Omdat we steeds minder tijd hebben, wordt onze tijd steeds meer waard.

Je kunt zeggen: relax! Ren toch niet zo! Ze dwingen je gewoon om eens rustig aan te doen!

Maar ik ben graag de baas over mijn eigen tijd. Ik heb er altijd te weinig van over, van tijd. En ik besteed hem liever aan dingen die ik belangrijk vind.

Het gevoel dat ze het niet uitmaakt dat ik al twee keer voor niets was langsgekomen, ergerde me eerlijk gezegd een beetje.

De afgelopen 6 weken vergat ik het dekbed telkens.

Het was helemaal uit mijn hoofd. Tot vandaag. Vandaag moest ik nog een paar andere dingen doen en een paar boodschappen in de buurt van stomerij en ik dacht: ha! Ik doe dat ook nog even snel! Goed bezig, Daae.

Ik rende door de supermarkt, pakte een paar dingen inclusief een pak perenijsjes (opwelling!) en ging naar de stomerij ertegenover.

En toen? Toen stond ik 10 minuten te wachten. De mevrouw voor mij wilde iets gerepareerd hebben en de mevrouw achter de balie wist niet wat ze er mee moest. Eerst ging ze proberen uit te leggen hoe het zat. Toen ontstond er spraakverwarring met de Engels sprekende klant (1/3e van ons dorp is buitenlands en bemiddeld dus ik verwacht dat veel van de klanten anderstalig zijn, eigenlijk). Toen ging ze even bellen met de coupeuse. Toen had ze problemen met de kassa.

Ik stond op mijn telefoon te kijken. En naar de grond. Er lagen overal blaadjes en papiersnippertjes en stof. En naar de toonbank met al die apparaten.

De kassa stond nog steeds op ‘error’.

Toen ik eindelijk aan de beurt was en mijn kaartje gaf, was de mevrouw in de war. Ze was heel aardig maar ze snapte er niets van.

“Dit is uit mei?”, zei ze. “Wist u dat u hier ook nog iets had liggen?”

Ik legde uit dat het daar om ging.

“Ging het om een dekbed?”

Ja, het ging om een dekbed.

“Is het een wit dekbed?”

Ja, het ging om een wit dekbed. (?)

Ze kon haar verbazing niet onderdrukken. Niet veroordelend of zo. Echt gewoon oprecht verbaasd: wie laat nou zijn stomerijspullen 6 weken bij de stomerij liggen?

Ik dus. De klant die voor de 4e keer in de winkel is i.v.m. dat ene stomme dekbed.

Ik liep naar buiten en dacht aan mijn ijsjes (ze bleken nog gewoon bevroren).

En ik dacht: ik ga hier nooit meer naar toe.

Ik ben een nogal bewuste en kritische klant. Maar ook een hele loyale. Ik geef mijn business liever aan kleine ondernemers dan aan grote ketens. En ik blijf rustig jaren klant. Graag zelfs.

Maar weet je? Mijn geld, daar moet ik ook hard voor werken. En als ik het dan toch uit moet geven, geef ik het liever uit in een zaak waar ik me fijn voel. Waar je snel, vriendelijk en goed geholpen wordt.

Zelfs een stomerij moet blijven vechten voor business.

Net als ik.

Elja elders:

Elja Daae

Elja is spreker, trainer en adviseur op het gebied van social media. Ze is daarnaast een van de bekendste blogexperts van Nederland. Elja is de auteur van twee boeken over social media en heeft al een vaag idee voor de derde. Meer lezen? Abonneer je op haar nieuwsbrief over marketing, social media en ondernemersschap. Iedere vrijdag in je inbox!
Elja elders:

4 Comments

Join the discussion and tell us your opinion.

Jurgenreply
juni 27, 2017 at 09:06 PM

Ik vraag me af of er niet al eerder irritatie was. Of ligt het alleen aan de laatste actie van de stomerij? Je vind het toch een heerlijk winkeltje, waar je je Turkse woorden nog even kan oefenen.

Als ik z’n besluit neem, als waar jij het over hebt, zijn er bij mij al meerdere dingen die me niet bevallen. Dan is er nog maar 1 ding nodig en dan is het klaar.

Ik ben benieuwd hoe dat dan bij jou zit.

Elja Daaereply
juni 27, 2017 at 10:06 PM
– In reply to: Jurgen

Nee, de Turks stomerij vind ik super. Daar blijf ik naar toe gaan. Het is die andere. Inderdaad waren er al langer kleine dingetjes die me dwars zaten. Altijd lang wachten, ook al is er maar 1 persoon voor me. Stoffig. Muf. En niet goedkoop. Het gaat niet in 1 keer mis, doorgaans…eens!

Roosreply
juni 27, 2017 at 10:06 AM

Zooo herkenbaar! Weer een leuke beschouwing. Ik blijf met veel plezier je mail lezen dus blijf ermee doorgaan!

Elja Daaereply
juni 27, 2017 at 10:06 AM
– In reply to: Roos

Dankjewel Roos!!! 🙂

Leave a reply

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.